Organisatie op school

       
logo CSG Groene Hart Lyceum
Groene Hart Topmavo

Driehoek regio
Alphen aan den Rijn

 
 

GTLib in de praktijk

CSG Groene Hart Topmavo laat zien hoe zij op hun school het project GTLib in de praktijk brengen.
Hierbij komen achtereenvolgens aan de orde:

  1. Wat is GTLib op de Groene Hart Topmavo?
  2. Keuzevrijheid leerlingen
  3. Met welke klassen doet de Groene Hart Topmavo mee aan GTLib?
  4. Wat merken de leerlingen ervan?
  5. Het GTLib-team
  6. Randvoorwaarden
  7. Faciliteiten/kosten t.b.v. ontwikkeling
  de Groene Hart Topmavo
 

1. Wat is GTLib op de Groene Hart Topmavo?

De Groene Hart Topmavo gaat in de theoretische leerweg uit van competentiegericht werken en leren. In de powerpointpresentatie vindt u hier meer informatie over. Hieronder zijn enkele punten van de presentatie uitgelicht.

In ons onderwijs hanteren we twee uitgangspunten:

  • Wil het onderwijs met succes het perspectief op leerling en kennismaatschappij richten, dan is een fundamenteel andere kijk op leren nodig.
  • In kenniseconomie is voor veel werk niet alleen kwaliteit nodig op cognitief vlak. Het gaat vooral om het toepassen van kennis en dat vereist veel emotionele, sociale en manuele vaardigheden.

Oplossingen:

  • We moeten af van theoretische disciplines die terug te vinden zijn in met name de lessentabel
  • Stoppen met denken dat leren vooral op school plaatsvindt
  • Niet alleen kijken naar cognitieve, maar ook naar emotionele en sociale competenties.
  • De school moet een leerwerkplaats zijn.
  • Leren van leerlingen meer richten op het beroepsveld.

De Groene Hart Topmavo gaat uit van Competentiegericht Werken en Leren: een nieuw uitdagend onderwijsconcept dat aansluit op interesses van leerlingen, op doorstroommogelijkheden van leerlingen, op mogelijkheden van collega's, op het schoolconcept en de geboden kansen door de wetgever.

In leerjaar 3 en 4 van de theoretische leerweg krijgen onze leerlingen tweederde van de lestijd 'examentraining'. Dat wil zeggen dat zij hierin 'gewone' lessen krijgen, waarin leerstof wordt aangeboden die klassikaal MOET worden aangeboden (20 uur per week). Daarnaast wordt eenderde van de lestijd besteed aan projecten (8 tot 10 uur per week).

Projecten:

  • Opdrachten in tweetallen uitvoeren
  • Probleemcasus is uitgangssituatie
  • Opdrachten voor een fictieve opdrachtgever uitwerken en presenteren
  • 5 projecten per jaar
  • Leerling stelt eigen leervragen

Voorbeelden van projecten (met vakken die sterk aan bod komen):

  • Stervende patiënten-rouwverwerking (levo)
  • Niet-verzekerde patiënten (economie)
  • Schonegrond verklaring (n1, n2)
  • Inrichting nieuwbouw (wiskunde)
  • Buitenlandse patiënten - vertalingen (En/Fa/Du)

Ontwikkelpunten in projecten:

  • Authentieke bedrijfscontexten gebruiken voor projecten
  • Bedrijfsleven als opdrachtgever en (mede)beoordelaar
  • Versterking eigen portfolio
  • Doorstroming met mbo nadrukkelijker in programma
   
   

2. Keuzevrijheid leerlingen

Doel van GTLib is leerlingen een betere beroepsoriëntatie te laten krijgen door het doen van opdrachten. We gaan hiervoor beroeps- en sectorgerichte opdrachten toevoegen aan onze projecten. Het kan dan voorkomen dat er interviews worden afgenomen met beroepsbeoefenaars, studenten van mbo-opleidingen et cetera. hierdoor komen onze leerlingen in aanraking met opleiding en beroep en zullen daarmee beter voorbereid het mbo instromen. De keuzevrijheid in deze opdrachten is nog niet uitgewerkt. Het kunnen ook oriënterende opdrachten zijn die voor alle leerlingen gelden. Met name in klas 3 zal dat zo zijn. In klas 4 is inmiddels voor een sector gekozen. Dan zou er gericht gewerkt kunnen worden.

 
   

3. Met welke klassen doet de Groene Hart Topmavo mee aan GTLib?

Op de Groene Hart Topmavo zitten in klas 3 en 4 alle leerlingen in een klas voor de theoretische leerweg. Het niveau met de gemengde leerweg is immers gelijk. Het onderwijsaanbod is gedurende deze twee leerjaren hetzelfde (op de persoonlijke vakkeuzes na uiteraard).
Pas als aan het einde van klas 4 blijkt dat er bij de uitslagbepaling van het examen een leerling niet aan de normen voldoet voor het behalen van een diploma theoretische leerweg, kan worden bekeken welk theoretisch vak we kunnen vervangen door een (intersectoraal) beroepsgericht vak, op onze school de ICT-route. Dat kan dan voor een gemengd diploma dienst doen als beroepsgericht vak. Hiermee slaagt de leerling toch en kan hij doorstromen naar het mbo. Vaak nog op hetzelfde niveau.

Sinds twee jaar krijgen alle klassen in de gemengde/theoretische leerweg volgens onze GTLib-manier les. In dit schooljaar zijn dat vier derde klassen en drie vierde klassen.


Aantal klassen in de theoretische leerweg in 2007-2008 (alle volgens GTLib)
  Gemengde/Theoretische Leerweg
  Aantal klassen Aantal meisjes Aantal jongens Totaal aantal leerlingen
Leerjr. 3 4 37 41 78
Leerjr. 4 4 47 35 82

 
   

4. Wat merken de leerlingen ervan?

 

Situatie vóór competentiegericht werken en leren (GTLib)
De Groene Hart Topmavo werkt inmiddels twee jaar volgens de nieuwe werkwijze. Voor die tijd zag het 'oude rooster' er traditioneel uit met alleen maar vakken op het rooster.

 
   

Huidige situatie (GTLib):
Door het invoeren van competentiegericht werken en leren ziet de weekindeling er voor de leerlingen in leerjaar 3 en 4 anders uit dan vroeger:
Tweederde van de schooltijd (20 uur per week) is examentraining en dan staan er voor de leerlingen de gewone vakken op het rooster. Eenderde van de schooltijd (8 tot 10 uur per week) is projecttijd en staan er projecten op het rooster.

Een voorbeeld van het weekrooster 2007-2008 zal nog worden aangevuld.

 
   

5. Het GTLib-team

 

Op de Groene Hart Topmavo is een projectgroep samengesteld van drie mensen. Deze projectgroep begeleidt de projecten, zorgt voor evaluatie van de projecten, voert aanpassingen door en geeft de ontwikkelingen vorm. Dit is ook de groep die opdrachten in beroepsperspectief gaat ontwerpen. De projectgroep bestaat uit:

  • Evert Franse (docent en projectleider bovenbouw)
  • Frits Godeke (docent en decaan)
  • Marca Janssen (docente en counsellor)
  • en Theo Visser (unitleider).

Bij de uitvoering van de projecten zijn (vak)docenten en coaches betrokken.
De (vak)docenten zijn verantwoordelijk voor de invulling van de projecten en voor het nakijken van de opdrachten. Zij krijgen hiervoor bij de lestoedeling een opslag van 1,5 uur per week. Een aantal van hen is ook bij de projecturen aanwezig om met raad en daad bij te staan. De coaches zijn verantwoordelijk voor de begeleiding van de leerlingen tijdens het project. Gedurende een project heeft een klas twee coaches die het project begeleiden, elk vier uur van de acht uren (klas 3) of vijf uur van de tien uren (klas 4). De beide coaches zien dit schooljaar hun derde klassen acht uur per week, en hun vierde klassen tien uur per week. Per coach dus de helft van de tijd: 4 uur per week, respectievelijk 5 uur per week.

  De Groene Hart Topmavo
     

6. Randvoorwaarden

Goede werkruimte, laptops en pc's:
Om aan de competenties te kunnen werken is het belangrijk ook een uitdagende leeromgeving te cre&3uml;ren. Wij hebben voor de tijd die leerlingen aan projecten werken een Leeratelier tot stand gebracht. Een ruimte ter grootte van meer dan drie theorielokalen waarin twee groepen (ongeveer 60 werkplekken) onder begeleiding van hun coaches aan de projecten werken. Ze maken daarbij gebruik van laptops. Elders in het gebouw is er een tweede, soortgelijke ruimte tot stand gebracht waarin een groep op gelijke wijze kan werken met vaste aansluitingen i.p.v. laptops.

   
   

7. Faciliteiten/kosten t.b.v. ontwikkeling

Dit zal nader worden aangevuld.

laatst bijgewerkt op: 11 november 2007
omhoog
home GTLib